smartphone-792bf994-f6a6-4956-bad4-d1d641b36800.jpg
Langdurige zorg 01-02-2021

Zorgkantoren maken afspraken over verbeteren uitwisseling kwaliteitsinformatie verpleeghuizen

De ketenpartijen in de verpleeghuiszorg slaan de handen ineen om informatie-uitwisseling over de kwaliteit van zorg te verbeteren en administratieve lasten te verlagen. Zorgkantoren steunen deze ontwikkeling van harte. Zij doen dit met de ondertekening van het convenant Keteninformatie Kwaliteit Verpleeghuiszorg (KIK-V).

De afspraken die zijn gemaakt binnen programma KIK-V, sluiten goed aan bij de visie van Zorgverzekeraars Nederland (ZN) om gegevens zo efficiënt en eenduidig mogelijk uit te wisselen. Via KIK-V worden bestaande gegevens die zorgaanbieders registreren efficiënter gebruikt. Denk bijvoorbeeld aan gegevens over personeelssamenstelling of basisveiligheid. Zorgaanbieders ervaren hierdoor minder administratieve belasting.

ZN vindt het belangrijk dat er goede randvoorwaarden gerealiseerd worden voor het uitwisselen van kwaliteitsinformatie. Een efficiënte gegevensuitwisseling zorgt ervoor dat zorgkantoren de juiste kwaliteitsinformatie van zorgaanbieders in de langdurige zorg ontvangen. Met deze informatie kunnen de zorgkantoren kwaliteitsinformatie van zorgaanbieders ontsluiten.  Dit ondersteunt de zorgkantoren bij het inkopen van kwalitatief goede zorg.

Convenant als basis voor afspraken
De afspraken die de ketenpartijen maken in het programma KIK-V, zijn in januari 2021 vastgelegd in een ‘afsprakenset KIK-V’. Hierin staat welke informatie de partijen met elkaar delen en hoe de informatie die uitgewisseld wordt er precies uitziet. De afspraken in het convenant worden de komende tijd uitgewerkt en stapsgewijs ingevoerd.

Betrokken partijen
De betrokken ketenpartijen zijn: Patiëntenfederatie Nederland, zorgaanbieders in de verpleeghuiszorg, brancheorganisatie Actiz, Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ), Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en zorgkantoren, het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en Zorginstituut Nederland. Het ministerie van VWS is opdrachtgever van het programma.