Zorg en Gemeente, plaatje blog-e0bd48a9-17f2-447a-af09-c913ec8d6e51.jpg
Eerstelijnszorg

‘Zo dicht mogelijk langs elkaar heen werken’

Zo dicht mogelijk langs elkaar heen werken. Het klinkt niet echt opwekkend, maar het beschrijft wel goed de huidige stand van de samenwerking tussen gemeenten en zorgverzekeraars. De werelden verschillen nog hemelsbreed. Desalniettemin was de stemming uitstekend bij de start van de ZN-cursus Zorg en Gemeente. 14 gemeenteambtenaren en 12 medewerkers van zorgverzekeraars verkennen daar sinds begin januari elkaars werelden.

De verschillen zijn, zo bleek al snel, op tal van punten aanzienlijk. De 9 zorgverzekeraars werken binnen een uniforme, landelijk voor iedereen gelijke, individuele, verzekering. Met rechten en aanspraken die voor iedereen gelijk zijn. En er zijn toezichthouders die alles willen weten en vervolgens alles wat afwijkt van de wettelijk gebaande paden, afkeuren. Hoe anders ligt dat voor de gemeenten, die ieder naar bevind van zaken, gestuurd door kleurrijke en soms incidenten-gestuurde politieke besluitvorming, alle kanten opgaan met het organiseren van het sociaal domein. Dan zijn er ook nog 4 grote, 32 middelgrote en nog eens honderden kleine gemeenten! Er zijn budgetten beschikbaar, maar die verschillen van gemeente tot gemeente. Ga er maar aanstaan.

Artikel 14 van de Zorgverzekeringswet legt samenwerking (afstemming) tussen zorgverzekeraar en gemeente feitelijk vast. Het moet! De Tweede Kamer vindt het volkomen vanzelfsprekend en verbaast en ergert zich in een soort naïeve onverschilligheid waarom het toch zo lang duurt voordat die samenwerking tot stand komt. Overigens heerst bij VWS eenzelfde stemming. Dat is toch vreemd: men zou de kenmerken van de stelsels die ze zelf creëerden toch goed moeten kennen.

Gelukkig groeien ook de overeenkomsten; bij de zorgverzekeraars veranderen jaarlijks ruim 1 miljoen verzekerden van zorgverzekeraar, bij de gemeenten verhuizen ongeveer een half miljoen burgers.

De gemeente komt in aanraking met de nieuwe taken op het terrein van de zorg (jeugdpsychiatrie, begeleiding) die van oudsher door zorgkantoor en zorgverzekeraar beheerd werden. Hierdoor krijgen ze meer en meer te maken met individuele burgers die, op maat, ongeveer hetzelfde moeten krijgen. De zorgverzekeraar komt langzaam maar gestaag richting het domein dat van oorsprong door de overheid (GGD) gestuurd werd. Denk aan de geïndiceerde preventie, waarbij verzekerden die in principe (nog) niets mankeren, tóch geholpen moeten worden. En als zorgverzekeraars aan de ene kant bedden in de GGZ afbouwen en ambulantiseren, doe dat dan in overleg met de gemeenten waar deze cliënten moeten gaan wonen en begeleiding moeten krijgen. Waarschuw ze tenminste: ‘ze komen er aan’... De overeenkomsten groeien, men werkt steeds dichter langs elkaar heen op elkaars domeinen.

Nieuwe afhankelijkheden en daarmee issues voor samenwerking dienen zich aan: binnen de as huisarts-wijkverpleging- sociale (buurt)teams moet hoe dan ook afstemming zijn. Want gebeurt dat goed, dan heeft niet alleen de burger/cliënt/patiënt/verzekerde of inwoner er baat bij; er ligt hoe dan ook doelmatigheidswinst voor de financiers in het verschiet.

Wellicht leent de geïndiceerde preventie (Zvw) zich uitstekend om binnen selectieve groepsgewijze preventieprogramma’s van gemeenten een rol te spelen? Een aantal individuele deelnemers via de Zvw betalen en zo tot gecombineerde bekostiging van groeps-preventieprogramma’s komen. Kan dat? Wie weet?

Verkennen, onderzoeken, bespreken. Dat is waar een stevige en gemotiveerde groep cursisten mee bezig is. Aan tafel!

Martien Bouwmans, beleidsadviseur Zorg bij ZN